Stel, je bent docent in het hoger onderwijs en je krijgt de ruimte om het onderwijs opnieuw vorm te geven. Waar kom je dan op uit? Een groepje docenten van Avans hogeschool ging de uitdaging aan.

Volgens de HBO-raad dient het onderwijs aan een HBO:

  • kwalitatief hoogwaardig te zijn,
  • verankerd in de beroepspraktijk,
  • maximale talentontwikkeling bij studenten te stimuleren,
  • focus te hebben op socialisatie, kwalificatie en persoonsvorming van studenten en
  • dienen studenten in staat te zijn hun praktijk te kunnen onderzoeken en zo verder te kunnen ontwikkelen.
  • ‘Niet eenvormigheid maar verscheidenheid vormt de kracht van het hbo’, zo is op de website van de HBO-raad te lezen.

De docenten bij Avans (van de Academie voor Algemeen en Financieel Management) zijn uitgekomen op een benadering van onderwijs waarbij studenten zelf verantwoordelijk zijn voor hun leerproces. Niet de docent of de instelling bepaalt de leerbehoeften, het te volgen leerspoor en de uitkomsten ervan, maar de student zelf. Opdrachten uit het werkveld geven aan welke competenties (straks) nodig zijn en tot welke leerbehoeften dit leidt bij individuele studenten. Deze werkwijze heeft verregaande implicaties voor tal van zaken in het onderwijsproces. Het maakt bijvoorbeeld de student zelf verantwoordelijk voor het ontdekken van zijn leerbehoeften en het spoor dat gevolgd moet worden om deze behoeften te vervullen om zo de benodigde competenties op te doen. Ook de rol van de docent wordt anders. Deze is niet langer de (al)wetende die zijn/haar kennis -dwingend, want toetsend- overdraagt op de student; de docent wordt adviseur, een senior-collega van de student. Leerprocessen worden gedifferentieerd, want studenten brengen uiteenlopende achtergronden, kennis en vaardigheden mee. Ook de toetsing van het onderwijs verandert, want de nadruk komt te liggen op de gedifferentieerde, individuele leerprocessen en minder op een vooraf opgestelde, verwachte uitkomst. Kortom, dit uitgangspunt raakt aan fundamentele vraagstukken in het onderwijs.

De betrokkenen zijn van mening dat deze werkwijze -die zich blijft ontwikkelen- goed aansluit bij wat er tegenwoordig van HBO-afgestudeerden wordt gevraagd (zie hiervoor). Ze willen hun ideeen, werkwijzen en vragen graag delen met hun collega’s en anderen met een hart voor (hoger) onderwijs, en hen uitnodigen deel te nemen aan een gesprek over de fundamentele onderwijsvraagstukken die deze manier van werken oproept. Om dit gesprek mogelijk te maken, wordt een boek vervaardigd waarin de opgedane ervaringen en vraagstukken worden gepresenteerd.

Print Friendly
2017-01-12T14:15:28+00:00 12-01-2017|Categories: Actualiteiten|Tags: , |